Minder fiscaal voordeel voor giften. Gaan goede doelen dat voelen?

De fiscale aftrek voor giften daalt van 45 naar 30 procent. Wat betekent dat concreet voor geefgedrag in België? Op basis van onderzoek en cijfers tonen we wat er waarschijnlijk verandert en hoe organisaties daarop kunnen inspelen.

Kris Van Kerkhoven

1/8/20265 min temps de lecture

Minder fiscaal voordeel voor giften. Gaan goede doelen dat voelen?

Sinds begin 2025 is de fiscale realiteit voor giften veranderd. Wie schenkt aan een erkende organisatie krijgt geen belastingvermindering van 45 procent meer, maar nog 30 procent. Dat geldt voor aanslagjaar 2026 en is dus van toepassing op giften die mensen vandaag al doen.

De vraag die overal opduikt is logisch en terecht: zal dat lagere fiscale voordeel leiden tot minder giften?

Het korte antwoord: ja, waarschijnlijk wel, maar niet overal even hard.

Wat verandert er nu echt?

De spelregels blijven grotendeels dezelfde. Een gift vanaf 40 euro aan een erkende organisatie levert een fiscaal attest op. Alleen het voordeel zakt.

Een concreet voorbeeld maakt dat meteen tastbaar.

Je schenkt 100 euro. Vroeger kreeg je 45 euro terug via je belastingen. Netto kost: 55 euro. Vandaag krijg je nog 30 euro terug. Netto kost: 70 euro.

Voor exact dezelfde gift betaalt de schenker dus 15 euro meer uit eigen zak.

Dat lijkt een detail, maar het is dat niet. Gedragsonderzoek toont al jaren dat mensen gevoelig zijn voor de netto kost van geven. Studies in België en Nederland laten zien dat vooral grotere en beter geïnformeerde gevers hun bedrag aanpassen wanneer het fiscale voordeel verandert. Het gaat zelden om stoppen met geven, wel om minder geven of een gift uitstellen.

Geven wordt simpelweg duurder

Economisch bekeken werkt een belastingvermindering als een korting. Ze maakt geven lichter aanvoelen.

Wanneer die korting kleiner wordt, schuift de balans. Dezelfde gift vraagt meer eigen middelen, en dat weegt mee in het hoofd van de schenker. Niet altijd bewust, niet bij iedereen, maar wel systematisch.

Dat klinkt misschien rationeel, zelfs wat koud. In de praktijk is het gewoon menselijk gedrag. De meeste mensen stoppen niet met geven, maar herbekijken hun bedrag of hun timing. Zeker bij grotere giften wordt dat effect zichtbaar.

Wat zegt onderzoek over het effect van fiscale prikkels?

Er bestaat vrij veel concreet onderzoek naar dit thema, ook dicht bij huis.

Zo analyseerde HOGENT het geefgedrag van Vlamingen over meerdere jaren. Daaruit blijkt dat fiscale attesten zelden de hoofdreden zijn om te geven, maar wél een duidelijke invloed hebben op het bedrag, vooral bij grotere giften. Mensen stoppen niet, ze sturen bij.

Ook in Nederland werd dit recent getest door SEO Economisch Onderzoek, via een gedragsexperiment waarbij deelnemers echte bedragen konden schenken. Daaruit bleek dat wanneer de netto kost van geven stijgt, het geschonken bedrag gemiddeld daalt. Niet spectaculair, maar wel consistent en meetbaar.

Internationaal zie je hetzelfde patroon terug in studies uit onder meer Frankrijk en Duitsland. De effecten verschillen per land en per doelgroep, maar de richting is telkens dezelfde: fiscale prikkels werken niet als motor, wel als versterker.

Belangrijk detail: niet iedereen reageert even sterk. Hogere inkomens en grotere gevers zijn gevoeliger voor fiscale wijzigingen. Kleinere, occasionele gevers laten hun gedrag vooral bepalen door betrokkenheid, vertrouwen en nabijheid, en veel minder door het fiscale plaatje.

België heeft dit al eens meegemaakt

We hebben in België eigenlijk al een natuurlijke test gehad.

In 2020 werd de belastingvermindering tijdelijk verhoogd van 45 naar 60 procent. Volgens cijfers van de FOD Financiën steeg het aantal aftrekbare giften toen met 17 procent en nam het totale bedrag toe met ongeveer 80 miljoen euro.

Corona speelde daar uiteraard een rol in. Solidariteit was groter, sommige noden waren zichtbaarder. Je kan dat effect dus niet één op één omdraaien.

Maar het signaal is duidelijk: wanneer geven fiscaal aantrekkelijker wordt, beweegt het volume mee. Omgekeerd geldt hetzelfde, zij het meestal iets minder uitgesproken.

Over welke bedragen spreken we vandaag?

In het meest recente aanslagjaar waarvoor volledige cijfers beschikbaar zijn, gaven ruim één miljoen Belgen samen ongeveer 350 miljoen euro aan giften die ze fiscaal aangaven. Gemiddeld ging het om zo’n 337 euro per persoon.

Dat is de pot die potentieel geraakt wordt door de verlaging naar 30 procent. Niet alle giften, maar wel het deel waar mensen bewust een attest voor vragen.

Wat mogen we dan realistisch verwachten?

Niemand kan exact voorspellen hoeveel giften zullen dalen. Maar op basis van onderzoek en eerdere ervaringen kan je wel redelijke scenario’s schetsen.

Niemand kan exact voorspellen hoeveel giften zullen dalen, maar onderzoek laat wel toe om realistische bandbreedtes te schetsen. Nederlands onderzoek van SEO Economisch Onderzoek toont dat wanneer de netto kost van geven stijgt, het geschonken bedrag gemiddeld mee daalt. Toegepast op de Belgische context kom je dan uit op een beperkte daling van ongeveer 2 tot 4 procent. In absolute cijfers betekent dat al snel een verschil van om en bij de 10 miljoen euro op jaarbasis.

Gebruik je bredere internationale studies, onder meer uit Frankrijk en Duitsland, dan liggen de schattingen hoger. Daar wordt vaker uitgegaan van een daling tussen 7 en 8 procent wanneer fiscale prikkels merkbaar worden afgebouwd. Voor België zou dat neerkomen op 25 tot 30 miljoen euro minder fiscaal aangegeven giften, afhankelijk van hoe sterk gevers hun gedrag effectief aanpassen.

Belangrijk is dat dit gemiddelde cijfers zijn. Organisaties die sterk steunen op grotere giften of op een fiscaal bewuste achterban lopen een groter risico dan organisaties met veel kleine, spontane schenkers. Op macroniveau blijft het effect waarschijnlijk beperkt tot matig, maar op het niveau van individuele organisaties kunnen de verschillen aanzienlijk zijn.

Mijn inschatting: op macroniveau zal het effect eerder beperkt tot matig zijn, maar op organisatieniveau kunnen de verschillen groot zijn.

Niet elke gift hangt af van fiscaliteit

Voor de meeste mensen is het fiscale voordeel niet de reden waarom ze geven. Ze steunen een organisatie omdat ze zich geraakt voelen, omdat ze vertrouwen hebben, of omdat het doel dicht bij hen staat. Dat komt ook duidelijk naar voren in Vlaams onderzoek naar geefgedrag, onder meer in de langlopende studies van HOGENT over de Gevende Vlaming, waarin motieven, drempels en het effect van fiscale attesten systematisch in kaart worden gebracht.

Tegelijk zie je in diezelfde cijfers iets anders. Organisaties die fiscale attesten kunnen aanbieden, halen gemiddeld meer middelen op dan organisaties die dat niet kunnen. Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat is het niet.

Fiscaliteit zet zelden iemand aan om te geven. Ze maakt wél het verschil tussen een kleiner of een groter bedrag. Of tussen nu geven en het nog even uitstellen. Het is geen motor, maar een duwtje in de rug.

Wat kan je als organisatie doen?

De verlaging van de fiscale aftrekbaarheid van giften naar 30 procent verdwijnt niet. Daar moeten organisaties het mee doen, of ze dat nu graag hebben of niet. Maar hoe je ermee omgaat, maakt wel degelijk verschil. Er zijn manieren om de impact te temperen en te vermijden dat dit harder aankomt dan nodig.

Zoals:

  • Maak het verschil concreet Zeg niet “30 procent aftrek”. Toon wat dat betekent in euro’s. Mensen begrijpen bedragen beter dan percentages.

  • Spreek grote gevers anders aan Wie 25 euro geeft, denkt zelden fiscaal. Wie 2.500 euro schenkt, vaak wel. Die groep verdient aparte communicatie en erkenning.

  • Leg de impact helder uit Niet klagen over beleid. Toon wat er mogelijk is dankzij steun, en wat er op het spel staat als middelen wegvallen.

  • Investeer in vaste giften Maandelijkse steun is stabieler en minder gevoelig voor jaarlijkse fiscale wijzigingen.

  • Haal frictie weg Eenvoud, opvolging en vertrouwen worden nog belangrijker nu het fiscale voordeel kleiner wordt.

Tot slot

Zal de verlaging van de fiscale aftrekbaarheid naar 30 procent leiden tot minder giften? Ja, dat risico is reëel.

Wordt het een ramp? Neen.

Maar het wordt wel voelbaar, vooral bij grotere en fiscaal bewuste gevers. Organisaties die hun achterban goed kennen, helder communiceren en hun relaties ernstig nemen, kunnen een groot deel van de impact opvangen.

Wil je hierover verder sparren voor jouw organisatie? Over wat deze fiscale wijziging concreet betekent voor je inkomsten, je donorstrategie of je communicatie? Ik denk graag mee. Niet vanuit theorie, maar vertrekkend van wat in de praktijk werkt en wat cijfers én gedrag ons leren. Een kort gesprek volstaat vaak al om scherp te krijgen waar de echte risico’s en kansen zitten. Je mag me altijd vrijblijvend contacteren.